Aan de uiterste noordrand van Limburg, waar de provincie bijna geruisloos overgaat in Brabant en Gelderland, ligt Mook en Middelaar. De kleinste gemeente van Limburg, maar met een opvallend brede blik. Burgemeester Inge van Dijk vertelt over korte lijnen, praktische samenwerking over grenzen heen en over nieuwsgierigheid als het beste medicijn tegen hokjesdenken.
“Wij zijn Limburgers, punt”, begint Van Dijk resoluut. “Maar onze leefwereld is voor een groot deel op Nijmegen gericht. Dat is hier gewoon praktisch.” Ze lacht. “We juichen hier niet voor VVV-Venlo, maar voor NEC. En we lezen niet De Limburger, maar De Gelderlander. Mensen ervaren die grenzen gewoon niet. Die bestaan alleen op kaarten en in bestuurlijke hoofden.”
De ligging typeert de gemeente: geografisch gezien Limburgs, maar cultureel open. “Als je naar het ziekenhuis moet, ga je naar Nijmegen. Wil je voortgezet onderwijs, dan is Cuijk maar tien minuten over de fietsbrug. En op zaterdag gaan veel mensen gewoon in Duitsland winkelen. Mensen hier kiezen gewoon wat het beste bij hun dagelijks leven past.”
Brug tussen Maas en heuvelland
Mook en Middelaar bestaat uit vier dorpen: Mook, Middelaar, Plasmolen en Molenhoek, de grootste kern, die nota bene gedeeltelijk in Gelderland ligt. “De receptie van Van der Valk ligt in Limburg, maar de hotelkamers in de gemeente Heumen. Dus daar strijkt Gelderland de toeristenbelasting op”, zegt Van Dijk gekscherend.
De gemeente wordt in de volksmond soms ‘de brug tussen Maas en Heuvelland’ genoemd. “En dat klopt ook”, zegt ze. “We liggen letterlijk op het noordelijkste punt. We delen bovendien meer kilometers grens met Gelderland en Brabant dan met Limburg. Het grensgevoel is hier vanzelfsprekend.”
Kleine gemeente, korte lijnen
Met amper 8.000 inwoners is Mook en Middelaar overzichtelijk. En dat is precies de kracht, vindt Van Dijk. “Onze lijntjes zijn écht kort. Als een gezin ondersteuning nodig heeft, dan weten we dat meteen. Dan leggen we intern direct de verbindingen – zonder dat je langs zes loketten moet of tig formulieren moet invullen. Je kent elkaar en daardoor kun je snel schakelen.”
Dat kleinschalige betekent ook: kwetsbaar zijn. “Sommige functies zijn eenpitters. Als iemand ziek wordt of met vakantie is, moet je creatief zijn. Maar dat hoort bij een kleine organisatie. Maar daardoor zijn we ook dicht bij onze inwoners.”
Bestuurlijk vraagt het om pragmatiek. “Als wij jeugdzorg inkopen, doen we dat in Nijmegen. Dan kun je er bestuurlijk moeilijk over doen, maar het leven van onze inwoners is leidend, niet de provinciegrens”, zegt ze over de gemeente, die deelneemt aan het samenwerkingsverband Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen en onderdeel is van de Euregio Rijn-Waal.
Toen Van Dijk begon, liet ze onderzoeken met wie de gemeente allemaal samenwerkt. “Daar kwam iets moois uit: het is exáct fifty-fifty. De helft van onze samenwerkingen ligt in Limburg, de andere helft in Gelderland. Dat zegt alles over wie wij zijn.”
Het Midzomernachtfestival
Midzomernacht, de langste dag van het jaar, wordt vooral in Noord-Europa gevierd – en sinds kort ook in Noord-Limburg. In Mook en Middelaar groeide het Midzomernachtfestival in korte tijd uit tot een vaste waarde in de lokale zomer. Burgemeester Inge van Dijk noemt het “een prachtig voorbeeld van wat onze gemeenschap kenmerkt: samen iets moois neerzetten. Je hoeft niet groot te zijn om iets te kunnen betekenen.”
Het idee kwam van Iegte de Jong. Tijdens haar reizen in het buitenland maakte ze kennis met het Fête de la Musique in Frankrijk en het midzomernachtfeest in Canada. “In Frankrijk is het zelfs bij wet vastgelegd: op 21 juni is er overal muziek. Dat voelde als een superchille, lange zomeravond – muziek als sfeermaker en verbinder.”
Met dat gevoel begon ze in 2022 aan haar eigen variant. Ze benaderde als eerste een lokale muziekvereniging – en die zei meteen ja. Sindsdien groeide het festival razendsnel: zes podia, vierhonderd muzikanten, tientallen vrijwilligers en een markt langs de Maaskade met kunst, eten en ambacht.
“Het mooiste is dat mensen voor één optreden komen en tien andere ontdekken”, zegt De Jong. “Er ontstaan nieuwe ontmoetingen en samenwerkingen. Dat is precies wat muziek kan doen: verbinden.” Haar ambitie reikt verder: “Van onze gemeente naar Noord-Limburg, vervolgens Limburg en uiteindelijk door het hele land. Waarom zou Nederland de zomer niet vieren zoals Frankrijk dat doet?”
Meedoen kan altijd
Een ander voorbeeld van die betrokkenheid is Molenhoeks Makkie, een sportief evenement dat allang meer is dan alleen hardlopen. “Je kunt vijf, tien of vijftien kilometer hardlopen door de heuvels, maar er is ook een wandeltocht, een kidsrun en een frame run voor mensen die niet zelfstandig kunnen lopen”, zegt Van Dijk zichtbaar trots. “Dat vind ik fantastisch. Iedereen doet mee, op zijn eigen manier.”
Hetzelfde geldt voor het Midzomernachtfestival. “Daar stond dit jaar ook de popband van Driestroom op het podium, met mensen met een verstandelijke beperking. Iedereen telt mee – dat is voor mij de essentie van onze gemeenschap.” Ze vat het nuchter samen: “We denken hier niet in hokjes. We kijken gewoon wat iemand wél kan.”
Kleine schaal, grote verantwoordelijkheid
Klein zijn betekent ook keuzes maken. “We hebben geen zwembad en geen bibliotheek. Dat dwingt je om samen te werken. En dat doen we”, zegt Van Dijk. “Voor voorzieningen die we zelf niet kunnen dragen, zoeken we partners. En de voorzieningen die we wél hebben, willen we behouden: sportvelden, een basisschool, supermarkten. Maar dan moet je vooruitdenken, niet wachten tot het te laat is.”
De gemeente bestaat in haar huidige vorm al 225 jaar. “We zijn nooit gefuseerd, nooit van grenzen veranderd. Daarmee zijn we een van de oudste gemeenten van Nederland. Dat hebben we op 23 oktober 2025 mooi gevierd. En dat mag ook weleens gezegd worden.”
In de bodem zitten sporen van nog oudere tijden. “Het gebied was al bewoond in de Romeinse tijd”, vertelt ze trots. “We hebben resten van een laat-Romeinse brug over de Maas gevonden en van een Romeinse villa bij Plasmolen. Als je in je tuin gaat graven, stuit je waarschijnlijk op iets uit die tijd. Het verleden ligt hier letterlijk onder je voeten.”
De geschiedenis is ook bovengronds tastbaar. “Niet alleen Zuid-Limburg heeft heuvels. Ons reliëf is ontstaan in de ijstijd. De grens van het landijs lag precies hier. Dat maakt ons landschap zó bijzonder en zorgt dat het erg in trek is bij mountainbikers, die van heinde en verre komen. In de weekenden en vakanties zie je veel auto’s en campers met fietsdragers, met Duits kenteken”, illustreert ze.
Mensen ervaren die grenzen gewoon niet. Die bestaan alleen op kaarten en in bestuurlijke hoofden.
Grenzen op papier
“Bestuurlijk zijn grenzen logisch”, zegt Van Dijk. “Maar inwoners ervaren ze niet. Die gaan gewoon waar het handig is. Wij moeten als bestuurders niet denken in lijnen op een kaart, maar in leefwerelden. Waar mensen werken, naar school gaan, zorg krijgen. Dáár moet je op aansluiten.”
“Limburg is altijd al grenzeloos geweest”, zegt ze. “In de mijnstreek kwamen mensen uit Polen, Duitsland, België, overal vandaan. We zijn dat alleen een beetje vergeten. Maar als je goed kijkt, zit dat grenzeloze nog steeds in ons.”
“En trouwens, we kijken hier letterlijk neer op Gelderland – vanaf Jachtslot Mookerheide. Dat zeg ik ook altijd grappend tegen mijn collega’s daar. De relatief hoge ligging ten opzichte van de omgeving is bewust gekozen om het slot aanzien te geven en vanuit de torenkamer neer te kijken op het Gelderse Heumen”, weet Van Dijk. Volgens De Canon van de gemeente Heumen wilde de opdrachtgever voor de bouw – Jan Jacob Luden – burgemeester Van den Broek van Heumen ‘gek van jaloezie maken’ met de aanleg van het landgoed en bouw van het slot.
Nieuwsgierig blijven
Het gesprek krijgt vanzelf een filosofische wending. “We moeten nieuwsgieriger zijn naar elkaar”, zegt Van Dijk. “Niet alleen vragen ‘alles goed?’, maar ook doorvragen. Echte interesse tonen. Dat is de enige manier om hokjesdenken te doorbreken.”
Ze verwijst naar iets wat haar opviel. “Iemand vertelt dat hij in Amerika op vakantie was en de ander zegt: ‘Oh, daar ben ik ook geweest!’ En dan begint hij over zijn eigen reis. Oprechte nieuwsgierigheid is juist luisteren. Niet meteen je eigen verhaal eroverheen leggen.”
Taal speelt daarin een rol, zegt ze. “Ik probeer woorden als ‘polarisatie’ of ‘inclusie’ te vermijden. Niet omdat ze onbelangrijk zijn – integendeel – maar omdat ze voor veel mensen afstand creëren. Dan haken mensen af. Terwijl de bedoeling juist is om verbinding te maken.”
“Grenzen bestaan vooral op papier. In het echt wonen we gewoon samen, werken we samen, vieren we samen. Ik heb ook heel bewust voor het burgemeesterschap in Mook en Middelaar gekozen. Het is een Limburgse gemeente die veel op Nijmegen is gericht – je werkt hier eigenlijk in twee regio’s tegelijk. Juist die bestuurlijke balans vond ik een mooie uitdaging”, besluit Van Dijk.
Over de gemeente Mook & Middelaar
Gelegen in de kop van Limburg, is Mook en Middelaar de kleinste gemeente van onze provincie, met een oppervlakte van 17 km² en 1,5 km² aan water. Het is rijk aan grenzen, met bijvoorbeeld de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen en Duitsland, en maakt deel uit van de Gezondste Regio. Netwerken en samenwerken zijn bijna verplichte kost voor bestuurders en inwoners.
Het bestaat uit een viertal dorpen: Molenhoek, Mook, Plasmolen en Middelaar. Deze dorpen tellen gezamenlijk 8.153 inwoners (peildatum 1 januari 2024). De gemeenteraad bestaat uit 13 leden, weliswaar de kleinste gemeenteraad van Limburg, maar waar je wel de grootste invloed kunt hebben om je stem te laten horen.
De inwoners, ondernemers en verenigingen uit Molenhoek, Mook, Middelaar en Plasmolen kunnen elkaar makkelijk vinden en helpen via MaasBuren.nl.