Van melkveebedrijf naar natuur: Hoe Leon zijn agrarische grond een nieuw leven gaf

29 januari 2026

Ooit wilde hij archeologie studeren. Maar voor Leon Hupperichs in Wijlre liep het leven anders. Zijn moeder werd ernstig ziek, waarop zijn vader hem vroeg om te helpen met het melkveebedrijf. Hij zei ja. Wat overigens niet betekende dat hij zijn interesse in natuur en landschap verloor. Jaren later gooide hij het roer om en vormde hij zijn grond stap voor stap om tot natuur.

Tijd voor een andere richting

Twintig jaar werkte hij tussen en met de koeien. Het was vertrouwd werk, maar langzaam verschoof zijn aandacht. “In het diepst van mijn hart heb ik altijd al iets met natuur gehad”, vertelt Leon. Dat gevoel werd steeds sterker. En rond zijn veertigste besefte hij dat het tijd was voor een andere richting.

Zorgvuldige voorbereiding

Hij wilde die stap zorgvuldig zetten. Daarom schakelde hij Bosgroepen Nederland in. Deze coöperatie van bos- en natuureigenaren helpt Leon met beheer, advies en uitvoering. “Je kunt wel dromen, maar het moet passen. Daarnaast heb je de juiste mensen nodig die je adviseren en helpen”, zei Leon. Zijn grond lag gunstig vlak bij de beschermde natuurgebieden: Roodborn en De Piepert. De kaarten van Provincie Limburg lieten zien welke delen van zijn grond voor natuurontwikkeling in aanmerking kwamen voor de Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL). In 2014 werd met deze subsidie zestien hectare landbouwgrond officieel omgezet naar natuur. Later werd daarnaast 20 hectare landbouwgrond op een natuurvriendelijke manier beheerd via het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer.

Natuurontwikkeling biedt nieuw (economisch) perspectief

De omschakeling van landbouw naar natuur betekende voor Leon niet alleen meer ruimte voor biodiversiteit, maar ook nieuwe economische kansen. Dankzij regelingen als de Subsidie Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL) en de Subsidieverordening Natuur en Landschapsbeheer (SVNL) en deelname aan het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb), ontstonden er inkomsten uit natuurbeheer en vergoedingen voor ingericht en beheerd natuurgebied. Zo werd investeren in natuur niet alleen een keuze uit liefde voor het landschap, maar ook een duurzame economische stap voor hem en zijn gezin. Een inspirerend voorbeeld van hoe natuurontwikkeling bij kan dragen aan het toekomstbestendig maken van het platteland.

Overgang naar nieuw grasland

Een deel van het land van Leon veranderde in schraal grasland. Het duurde een hele tijd voordat er verandering in kwam. “Nu komen er steeds meer plantensoorten bij. Denk aan de echte koekoeksbloem, blauwe knoop en orchideeën. Maar ook kruiden, zoals de gele zegge, het knikkend nagelkruid en duifkruid. Als je stopt met kunstmest, drijfmest en bestrijdingsmiddelen dan zie je de natuur vanzelf herstellen.”

Zeldzaam kalkmoeras

Het meest bijzondere project werd het kalkmoeras van zo’n zeven tot acht hectare. Een nat en veeleisend gebied. Universiteiten, ecologen, adviseurs en de Provincie dachten mee. Leon: “Vijftien jaar werk zit daarin. Nu is het een van de zeldzame leefgebieden van planten en dieren in de regio. Vooral water- en weidevogels hebben hier flink van geprofiteerd, zoals de kleine plevier, watersnip, waterral en kievit.”

Grauwe klauwier en veldparelmoervlinder

Leon plantte kilometers struweel langs randen en paden. Van meidoorn tot hazelaar. En van kardinaalsmuts tot hondsroos. Allemaal soorten die bloesem en bessen geven in verschillende maanden. Daardoor kwamen allerlei vogels en insecten terug. “De grauwe klauwier verscheen in 2016 weer in het gebied op zoek naar de grotere struiken en de vele bloesems. Ook vlinders vonden de weg terug.” Tijdens een wandeling maakte Leon een foto van de zeldzame veldparelmoervlinder. Hij glundert als hij erover vertelt.

Een kleine stap met groot effect

Aan de hand van oude kaarten heeft hij de landerijen zoveel mogelijk hersteld, zoals ze zo’n 100 jaar geleden waren. “Ik word er blij van. Sommige elementen veranderden al na twee of drie jaar. Andere pas na 12 jaar. Nu zie ik overal beweging. Mijn geduld wordt beloond.” Hij doet dit werk omdat hij er energie van krijgt, maar er speelt meer mee. “Het raakt me dat er zoveel natuur verdwijnt. Ik kan dat niet oplossen. Maar ik heb hier in mijn achtertuin wel iets in gang gezet”, vertelt hij met een grote glimlach.