Op slot

10 april 2020

Het Limburgs Heuvelland is op slot. Sinds gisteren. En dat blijft zo – in ieder geval – tot en met tweede Paasdag. Want Corona mag er niet in. Niet in wat veel mensen als een recreatieparadijs beschouwen. Mensen die Corona gebruikt – of beter misbruikt – om overal voet aan de grond te krijgen; ook in onze heuvels en dalen.

Maar wat zal het vreemd zijn. Juist met Pasen; en juist met zo’n prachtig weer. Geen wielrenners, geen motoren, geen rallywagens, geen wandelaars, geen flanerenden door Valkenburg. Valkenburg waar nota bene al in 1885 de eerste VVV werd geopend. Omdat toen al zoveel mensen hier van hun vrije tijd wilden komen genieten. Maar nu kan dat dus even niet. En dat is ongeëvenaard. Want echt nooit eerder ging dit stukje buitenland in Nederland zo op slot. In ieder geval niet in vredestijd…

Hoe vreemd moet dit voor het heuvelland zelf wel niet zijn. Het Paasweekend is meestal het moment dat de toeristen met bosjes binnenvallen. En het moment dat de kassa weer gaat rinkelen voor de terrashouders, de ijsboertjes en de onderdakverschaffers van de camping, het hotel en de bed & breakfast. Voor hen is het natuurlijk bijzonder zuur dat ze nu zoveel inkomsten mislopen.

Van de andere kant hoor ik ook van heuvellandbewoners dat ze stiekem een ‘beetje’ blij zijn. Dat ze hun eigen woonstee nu ook eens in alle rust kunnen ervaren; het Limburgs nachtegaaltje nu eens niet overstemd horen worden door ronkende motoren zoals vorig weekend. En eens verlost blijven van de hordes door hun dorpen scheurende wielrenners die in de 30 kilometerborden vooral een ‘challenge’ zien om er nog een tandje bij te zetten. Van hen hoor ik dat ze nu eigenlijk een soort autoloze zondag – ervaring opdoen. Voor mijn jongere lezers: dat waren zondagen in de jaren zeventig van de vorige eeuw dat je je zonder gevaar voor eigen leven op alle straten en wegen kon begeven.

Die gewenste stilte en rust, ervaart vandaag niet alleen het heuvelland; maar ook Roermond, Venlo, Mook, ja, zo’n beetje heel Limburg. Vooral omdat veel oosterburen vandaag thuisbleven (of zich toch aan de grens lieten terugsturen). Niet makkelijk, want ze zijn immers al tijden gewend om juist vandaag – voor hen een vrije dag – ons met een bezoek te vereren. Maar voordat die trek naar ons zo op gang kwam, was Goede Vrijdag – zeker hier in Limburg – nog een hele rustige dag. Een dag waarop mensen om drie uur ’s middags – als Jezus sterft aan het kruis – nog alles naast hun neerlegden en stil hielden.

Maar als het goed is hebben een groot aantal Duitsers naar het ‘Bleib zu Hause’ van Mark Rutte geluisterd; en de Belgen naar zijn “Blijf thuis” en ‘Rester a la Maison’. Wat ik overigens best zuur vind voor de Belgen die altijd gewoon waren om juist vandaag – aan het einde van de vastenperiode - vis te komen kopen op de markten in Maastricht en Weert. Zeker nu zij zelf vanwege Corona niet meer mogen hengelen. Ja, ik blijf meeleven met onze buren. Maar het is even niet anders.

Maar goed het ‘Blijf thuis’ – of Blief Toes – geldt dus voor iedereen. Ook voor ons. Ook voor mij. Ook ik mag nu niet als recreant naar het Heuvelland. Ook ik moet me nu in en om mijn eigen huis amuseren en een frisse – of beter zonnige – neus halen. En ik weet ook al dat ik niet de tijd krijg om me te vervelen of mijn tijd te verdoen. Ik zou heel graag een goed boek lezen, maar mijn vrouw heeft een lijstje gemaakt. En bovenaan dat lijstje staat: opruimen! Van toegangsposten in Valkenburg, Meerssen en Cadier en Keer begreep ik dat ze – tot nog toe – niet zo heel veel mensen hoefden terug te sturen. Dus ik vermoed dat ik niet de enige ben voor wie dit weekend begint met een grote schoonmaak…

Zorg goed voor elkaar, en daarmee voor u zelf, zoals wij in Limburg gewoon zijn.

Theo Bovens, Gouverneur