Busje komt 'zo'

2 april 2020

“Kunnen daar niet wat minder bussen rijden; er zitten gemiddeld maar 2 à 3 personen in”, zo las ik vanmorgen in een ingezonden brief in de krant. Tegelijkertijd ontvangen we in het Gouvernement ook vragen over bussen die juist te vol zitten. Te vol om 1,5 meter afstand te nemen. En dan moeten we ook nog allemaal achter instappen; kunnen we niet even een kaartje pinnen en rijden er geen buurtbussen meer. Zie hier het Openbaar Vervoer in Coronatijd.

Let daarbij vooral op de toevoeging: in Coronatijd. En u weet inmiddels wat deze tijd – onvoorbereid – van ons vraagt, Het is dus ook voor het Openbaar Vervoer roeien met de riemen die het heeft. Want de bussen en de treinen moeten blijven rijden. Zonder Openbaar Vervoer loopt onze wereld, loopt Limburg, nog verder vast. Wie of wat kan anders garanderen dat mensen dan nog op hun werk kunnen komen? Ik zeg nadrukkelijk werk, want de treinen en bussen rijden helaas op dit moment niet voor ons plezier. Nee, ze rijden voor de mensen die we nu keihard nodig hebben; die zorgen dat we nog kunnen eten of hopelijk genezen.

Dus OV-maatschappij – Arriva Limburg - doet haar best. Zij schrapt weekendpendelritten naar Toverland; schrapt schoollijnen; schrapt die buurtbussen en moet dus verder toch zorgen dat iedereen op zijn of haar werk komt. En dat is even puzzelen, want nogmaals: niemand was hierop voorbereid. Vandaar dat er ook dagelijks contact is tussen Arriva en de Provincie. Om de vinger aan de pols te houden en te zien waar er nog even verder gepuzzeld moet worden. Bijvoorbeeld om meteen in te grijpen als een bus of trein toch te vol raakt. Zoals afgelopen maandagochtend gebeurde met de Maaslijn vanuit Venlo en Venray; die bleek opeens veel te druk met studenten die massaal terugkeerden naar hun kamers in Nijmegen. Dus volgende week rijdt op die morgen een langere trein.

De continue aandacht is er overigens niet alleen voor de lijnen, maar ook voor wie zorgt dat deze bussen en treinen op hun bestemming komen. Want ook voor hen die achter het stuur zitten, is het werken nu niet altijd even makkelijk. Zeker niet als deze tijd ook het slechtste in mensen los kan maken, getuige de buschauffeur in Maastricht die door een zogenaamd besmet persoon in het gezicht werd gespuwd. Deze ‘Coronaspuger’ is gelukkig meteen bestraft met een gevangenisstraf en het moeten betalen van een schadevergoeding aan de chauffeur, maar het zou gewoon helemaal niet mogen gebeuren. Ook dit zijn dienstverleners die wij hard nodig hebben; én er op moeten kunnen vertrouwen dat zij geen onnodig risico lopen.

Dus laten we ook voor hen aardig zijn en blijven. En nee, u kunt hen nou niet bij het binnenstappen en voorbij lopen een goedemorgen, -middag, of – avond wensen; maar hen dat misschien wel toeroepen als u van achteren binnenstapt; of even vriendelijk zwaaien als u de bus ziet aankomen. Kortom: maak een vriendelijk gebaar, óók naar de conducteurs en machinisten op de trein. Waardeer ze allemaal; net zoals we nu ook de andere cruciale beroepen waarderen. Daarom vond ik het vanochtend ook zo treffend toen ik het bushokje op de foto passeerde. Een bushokje met een grote advertentie waarin de zorgverleners met een hartje worden bedankt. Zorgverleners die het OV nodig hebben om op hun werk te komen; en misschien dus wel die 2 of 3 personen zijn in die verder lege bus uit de ingezonden brief in de krant.

Zorg goed voor elkaar, en daarmee voor u zelf, zoals wij in Limburg gewoon zijn.

Theo Bovens, Gouverneur