Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / Over Limburg / Een provincie in Europa / Economie en werkgelegenheid

Economie en werkgelegenheid

In het midden van de 19e eeuw werd Maastricht de eerste industriestad van Nederland, toen Belgische investeerders de industriële productie van keramiek, glaswerk en cement mogelijk maakten. Kort daarna begon de Britse uitvinder Robert Pope in Venlo met een gloeilampenfabriek.

 In de omgeving van Tegelen werd al in de romeinse tijd keramiek geproduceerd. Later vestigden zich er industrieën voor gresbuizen, bakstenen en dakpannen. Vanaf 1910 kwam in Zuid-Limburg de mijnindustrie tot ontwikkeling, hetgeen leidde tot de snelle groei van steden als Heerlen, Kerkrade en Geleen. Tot na de tweede wereldoorlog bleef Limburg de hoofdleverancier van steenkool ten behoeve van de energieSCAN autofabriek 246x178voorziening in Nederland. In de jaren '50 werden in Limburg de eerste industrialisatieprogramma's ontwikkeld voor het scheppen van vervangende werkgelegenheid op het platteland. Midden- en Noord- Limburg werden concentratiegebieden van intensieve veehouderij (varkens, kippen, melkvee) en glastuinbouw. Het overschot aan arbeidskrachten in de voorheen gemengde land- en tuinbouw werd vooral opgevangen door de ontwikkeling van industriekernen als Weert, Venray. Helden en Bergen. Momenteel wordt Limburg gerekend tot de vooraanstaande agrarische productie- en onderzoekgebieden in Europa. In Horst zijn bekende internationale instituten gevestigd zoals het Proefstation voor de Champignoncultuur, het researchcentrum Asparagus en het tuinbouwproefgebied Meterikseveld. Met de beëindiging van de mijnindustrie (1965-1975) stond Limburg voor de historische uitdaging het verlies van zo'n 75.000 arbeidsplaatsen te compenseren. Het daarvoor ontwikkeld herstructureringsprogramma -waarvoor de nationale overheid meer dan fl.10 miljard aan investerings- en ondersteuningsmiddelen beschikbaar stelde- gaf Limburg een nieuwe, toekomstgerichte economische structuur. Daarbij werd succesvol ingespeeld op de grote voordelen van Limburg in Europees verband. In deze jaren van verandering en vernieuwing kwam niet minder dan 30% van alle buitenlandse investeringen in Nederland naar Limburg. Het zwaartepunt van de Limburgse industrie ligt bij de chemie, de automotive sector en bij kantoormachines. Limburg en het aangrenzend deel van Brabant nemen de helft van alle Nederlandse research en devellopment activiteiten voor hun rekening.
Het is dus niet verwonderlijk dat Limburg behoort tot de economische kerngebieden in West-Europa. Binnen een straal van 300 kilometer ligt een potentieel afzetgebied met meer dan 100 miljoen consumenten en 200.000 bedrijven in vijf landen. Meer dan 70% van het internationaal goederenverkeer in Nederland loopt via Limburg. Venlo en omgeving vormen daarin een belangrijk logistiek knooppunt, met een grote concentratie van bedrijven op de vestigingslocatie Tradeport. Ook de bargeterminal aan het Julianakanaal in Born is een belangrijk punt van goederenoverslag.

Share |

Uitgelicht


Zoeken