De nabijheid van grote steden legt een grote claim op het
platteland, met name in Zuid-Limburg. Het Heuvelland fungeert niet
alleen als de graanschuur, maar ook als de achtertuin, als
potentieel bedrijventerrein en als wandel- en fietsgebied voor de
bewoners van stad en land. De invloed van de steden op het gebruik
van het landelijk gebied is groot en de bevolkingsdruk eveneens.
Veelzijdig
De relaties tussen de stad en het landelijk gebied zijn
veelzijdig en multifunctioneel. Zij betreffen de sectoren landbouw,
toerisme, landschap en natuur. Het stedelijk netwerk ontleent zijn
aantrekkelijkheid en identiteit ook aan het omringende platteland,
het Nationaal Landschap Zuid-Limburg.
Internationaal
In Zuid-Limburg speelt daarnaast de internationale context mee:
binnen een straal van 30 km vindt men de MAHL-steden Maastricht
-Parkstad- , Aachen, Hasselt en Luik. Ontwikkelingen binnen
Zuid-Limburg kunnen daarom niet los gezien worden van wat er in de
directe omgeving (de Euregio) gebeurt.
Discussies over beheer en versterking van natuur- en
landschapskwaliteiten, ruimtelijke planvorming,
(landbouw-)economische ontwikkelingen en toeristische vermarkting
moeten daarom samen met onze buitenlandse buren worden gevoerd.
Voor het landelijk gebied zijn de belangrijkste
grensoverschrijdende beleidslijnen in 2003 vastgelegd in het
ontwikkelingsperspectief van het Drielandenpark. (www.3landenpark.org)