Direct naar hoofdmenu / zoekveld
Home / Beleid / Milieu / Vergunningen / Ontgrondingenwet

Ontgrondingenwet

Wat is ontgronden?

Iedere activiteit waarbij in de bodem wordt gegraven is een ontgronding. Ontgronden is dus meer dan het winnen van bouwgrondstoffen. Als u een vijver aanlegt, een kuil of sloot graaft bent u bezig met ontgronden. Het maakt daarbij niet uit of u de grond ter plekke laat liggen of afvoert.

Wanneer is een ontgrondingenvergunning nodig?

Vergunningplicht

Volgens de Ontgrondingenwet (Ow) is het verboden zonder vergunning te ontgronden. Voor de meeste ontgrondingen geldt dat Gedeputeerde Staten bevoegd zijn om vergunning te verlenen. Voor ontgrondingen in de Maas is dat de Minister van Infrastructuur en Milieu.

 

Uitzonderingen

In bepaalde gevallen is geen vergunning nodig. De uitzonderingen in de Ontgrondingenwet liggen o.a. op het gebied van dreigende acute watersnood, de uitvoering van een landinrichtingsplan of een provinciaal milieuprogramma betreffende bodemsanering.

 

Vrijstellingen

Daarnaast zijn in Limburg op grond van de Omgevingsverordening Limburg verschillende ontgrondingen vrijgesteld van de vergunningplicht. Dit betekent dat geen vergunning is vereist voor:

  • Ontgrondingen die niet dieper plaatsvinden dan 3 meter, geen grotere oppervlakte hebben dan 400 m² en niet omvangrijker zijn dan 500 m³ (aan deze drie eisen dient tegelijkertijd voldaan te zijn);
  • Ontgrondingen verricht voor de normale uitoefening van de land-, tuin- of bosbouw;

  • Ontgrondingen die uitsluitend worden verricht voor grondboringen en het maken van putten, het leggen van kabels, buizen en andere voorwerpen, welke in de grond plegen te zijn of te worden aangebracht;

  • Het doen van opgravingen zoals bedoeld in artikel 1, onder h, van de Monumentenwet 1988;
  • Ontgrondingen voor een aantal werken van infrastructurele aard, wanneer het ontgronden naar omvang of diepte niet uitgaat boven hetgeen nodig is voor de technische realisatie daarvan en wanneer deze werken planologisch zijn geregeld.

Voor de volledige tekst van de vrijstellingen en de definities en de toelichting daarop verwijzen wij naar de Omgevingsverordening Limburg. Als u denkt dat uw ontgronding is vrijgesteld van vergunningplicht, adviseren wij u deze verordening grondig door te lezen en bij twijfel contact op te nemen met de afdeling Vergunningen en Subsidies, tel. (043) 389 76 49. Valt de ontgronding die u wilt uitvoeren niet onder de eerder genoemde uitzonderingen of vrijstellingen, dan moet u bij Gedeputeerde Staten een vergunning aanvragen.

Kan vergunning worden verleend?

Het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL 2006) vormt vanaf 22 september 2006 het provinciale beleidskader voor onder meer ontgrondingen.

Het provinciale beleid ten aanzien van ontgrondingen is door Provinciale Staten neergelegd in diverse documenten zoals het eerdergenoemde Provinciaal Omgevingsplan Limburg, de POL-aanvullingen Zandmaas, Grensmaas, ’t Rooth, Beëindiging kalksteenwinning Sint-Pietersberg en het Deelplan Kalksteen. In het vastgestelde POL 2006 is het beleid voor ontgrondingen ingrijpend gewijzigd ten opzichte van het POL 2001: de provincie ziet winning van grondstoffen als instrument om andere doeleinden (zoals bescherming tegen hoogwater, natuurontwikkeling, waterberging en recreatie) te realiseren. Ontgrondingen dienen plaats te vinden als onderdeel van projecten met een meervoudige doelstelling, binnen de randvoorwaarden van bestaand beleid en wet- en regelgeving. In navolging van het gewijzigde beleid van het Rijk wordt niet meer gestreefd naar het winnen van vooraf bepaalde hoeveelheden grondstoffen.

 

In de Beleidsnota Ontgrondingen die op 7 juli 2009 is vastgesteld, is nader invulling gegeven aan het beleid van de provincie en aan de taken en rollen van de provincie op het gebied van ontgrondingen via het vergunningsspoor op basis van de Ontgrondingenwet en het ruimtelijk spoor van de Wet Ruimtelijke Ordening. Deze beleidsnota heeft de juridische status van een beleidsregel.

Van het ontgrondend bedrijfsleven wordt de ontwikkeling van 'kwalitatief goede' projecten verwacht. Dat houdt onder meer in dat er een zorgvuldig voorbereidingsproces wordt doorlopen en dat er per saldo positieve effecten op de kwaliteit van het projectgebied worden bereikt. Er bestaan tal van mogelijkheden om de winning van grondstoffen te koppelen aan de realisering van maatschappelijk gewenste doelen als hoogwaterbescherming, natuurontwikkeling en recreatie.


De Ontgrondingenwet bepaalt dat vergunningen worden verleend na afweging van alle bij de ontgronding betrokken belangen, waaronder economische en financiële belangen, archeologische en cultuurhistorische belangen, milieubelangen, natuur- en landschapsbelangen, belangen van het bedrijfsleven, waterwinning, ruimtelijke ordening, visserij, waterhuishouding, verkeer, recreatie en geologische belangen. Aan de vergunning kunnen dan voorschriften worden verbonden ter bescherming van deze belangen.

Procedure

Als duidelijk is dat voor de beoogde ontgronding een vergunning nodig is, moet de initiatiefnemer deze aanvragen bij Gedeputeerde Staten. Wij adviseren u hierover vooraf contact op te nemen met de afdeling Vergunningen en Subsidies, tel. (043) 389 76 49.

 

Vooroverleg

In het vooroverleg vindt onderzoek en afstemming plaats over de bij de ontgronding betrokken belangen. Het vooroverleg vindt plaats met medewerkers van de afdeling Vergunningen en Subsidies, die tevens aanspreekpunt zijn van de totale vergunningenprocedure. Het vooroverleg wordt gestart met het initiatief. De initiatiefnemer bericht de provincie over het voornemen om te ontgronden en stuurt daarbij gegevens op over de beoogde ontgronding: een kadastrale en een topografische tekening, een schets van de eindsituatie en de eigendomssituatie. De medewerker van de afdeling Vergunningen en Subsidies maakt vervolgens het actiepuntenformulier en de belangenstaat op. Op dit formulier worden acties geformuleerd om deze belangen in beeld te brengen. Tevens wordt op dit formulier aangegeven, door wie deze acties uitgevoerd moeten worden.

  • Het Actiepuntenformulier en de belangenstaat kunt u downloaden in de rechterkolom.

 

In deze fase wordt door medewerkers van de afdeling Vergunningen en Subsidies ook de beoogde locatie bezocht. Daarnaast wordt met de initiatiefnemer overleg gevoerd over o.a. de door de initiatiefnemer uit te voeren acties en onderzoeken en over de door de initiatiefnemer op te stellen conceptaanvraag. Zo is een grondwateronderzoek noodzakelijk, als de ontgronding tot beneden het grondwaterpeil plaatsvindt. Ook is het mogelijk dat een natuurwaardenonderzoek moet worden uitgevoerd, bijvoorbeeld indien de ontgronding in of nabij een beschermd natuurgebied ligt of mogelijk schadelijke gevolgen heeft voor de ter plaatse aanwezige beschermde flora en fauna. Nadat de conceptaanvraag compleet is, kan een definitieve aanvraag worden ingediend.

 

Aanvraag

Met het indienen van de aanvraag via het aanvraagformulier Ontgrondingenvergunning start de wettelijke procedure.


Een vergunningprocedure duurt in principe zes maanden. Wanneer het om een complexe situatie gaat, kunnen Gedeputeerde Staten deze zogenaamde beslistermijn verlengen. Van deze verlenging krijgt u bericht. Gedeputeerde Staten kunnen u om ontbrekende informatie vragen. Daarvoor zal een termijn worden gesteld. Tijdens het aanvullen van de gegevens, is de beslistermijn geschorst. Bij het achterwege blijven of het te laat aanvullen van de aanvraag kunnen Gedeputeerde Staten uw aanvraag buiten behandeling laten.

 

Ontwerpbesluit

Wanneer de aanvraag aan alle voorwaarden voldoet, wordt door afdeling Vergunningen en Subsidies een ontwerpbesluit opgesteld. Het ontwerpbesluit wordt binnen ongeveer 12 weken vastgesteld door Gedeputeerde Staten. Daarna kan iedereen, ook de aanvrager, gedurende zes weken zienswijzen over het ontwerpbesluit mondeling of schriftelijk aan Gedeputeerde Staten kenbaar maken.

 

Machtiging

Indien u niet kunt wachten met ontgronden totdat er een definitieve vergunning is verleend, kunt u Gedeputeerde Staten vragen om een ontgrondingenmachtiging. Een machtiging kan pas verleend worden, als op de vergunningsaanvraag een positief ontwerpbesluit is genomen en de zienswijzentermijn is verstreken. Aan een machtiging worden ook voorschriften verbonden. In ieder geval moet een voorschrift worden opgenomen over het stellen van financiële zekerheid. Voor de afgifte van een machtiging is verder essentieel, dat er geen belemmeringen zijn die een onmiddellijke aanvang van de ontgronding in de weg staan. De ontgronding moet bijvoorbeeld planologisch geregeld zijn.

 

Definitieve vergunning

Gedeputeerde Staten nemen binnen zes maanden een definitief besluit over de vergunningsaanvraag. Zij gaan daarbij in op de eventueel ingekomen zienswijzen. Daarna hebben belanghebbenden nog gedurende zes weken de mogelijkheid om beroep aan te tekenen tegen het verlenen van de vergunning of de weigering daarvan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in Den Haag.

 

Beroep

Van de vergunning kan gebruik gemaakt worden nadat de termijn voor het instellen van beroep is afgelopen. Dit geldt ook wanneer iemand daadwerkelijk beroep tegen de vergunning heeft aangetekend. Degene die beroep heeft aangetekend, kan de Voorzitter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State ook verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen. Indien gedurende de beroepstermijn bij de voorzitter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan, treedt de vergunning niet in werking voordat op dat verzoek is beslist. De werking van de vergunning wordt dan geschorst. Een beroepsprocedure duurt gemiddeld één jaar. In een dergelijke procedure oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over de beroepsgronden. Het oordeel kan zijn dat de vergunning terecht verleend is. Wanneer dit niet het geval is, wordt de vergunning geheel of gedeeltelijk vernietigd. In dat geval moet de vergunning gewijzigd of aangevuld worden en door Gedeputeerde Staten opnieuw worden vastgesteld of alsnog geweigerd. Aan het indienen van een beroepschrift en/of een verzoek om voorlopige voorziening zijn kosten verbonden. Deze kosten worden door de Raad van State vóór de zitting in rekening gebracht. Het griffierecht wordt terugbetaald als de zaak gunstig voor de indiener afloopt. Voor meer informatie verwijzen wij u naar http://www.raadvanstate.nl/ (Klik op Over Bestuursrechtspraak en daarna Werkwijze).

Verkorte procedure

Bij eenvoudige ontgrondingen, waarbij niet of nauwelijks andere belangen zijn betrokken, kan afgeweken worden van de hierboven beschreven uitgebreide procedure, zoals die voor de meeste ontgrondingen wordt gevolgd. Dit is het geval indien het gaat om een ontgronding van ten hoogste één hectare. Op basis van artikel 4.2 lid 4 van de Omgevingsverordening Limburg kan in dat geval een eenvoudige, korte procedure worden gevolgd.

Wijzigen van een vergunning

Wanneer er reden is om de vergunningtermijn te verlengen, een voorschrift te wijzigen of de ontgrondingdiepte te veranderen, kan door de vergunninghouder een wijziging van de vergunning worden aangevraagd. Indien de aanvraag betrekking heeft op een wijziging van een bestaande ontgrondingsvergunning van ondergeschikte aard, kan eveneens op basis van artikel 4.2 lid 4 van de Omgevingsverordening Limburg een eenvoudige, korte procedure worden gevolgd.

Wat kost een vergunning?

Leges

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, of verlenging van de vergunningstermijn of een andere wijziging wordt leges geheven.

Het legestarief per vergunning of wijzigingsvergunning bestaat uit twee onderdelen:

  • een algemeen tarief,
  • daarenboven een tarief afhankelijk van de hoeveelheid te ontgronden specie. Dit tarief wordt berekend op basis van een tarieventabel:

De legesverordening Limburg en de tarieventabel 2013 kunt u downloaden in de rechterkolom.

 

Heffing

Bij het afgeven van de definitieve vergunning wordt een ontgrondingenheffing opgelegd over de hoeveelheid stoffen waarvoor vergunning of machtiging dan wel een wijziging van een vergunning of machtiging is verleend. Er geldt een tarief per vergunde hoeveelheid stoffen van 10.000 m³.

Documenten

Share |

Uitgelicht


Zoeken