Op 16 december 2008 is de Verkenning klimaatadaptatie Limburg aangeboden aan Gedeputeerde Staten. In het rapport wordt aangegeven in hoeverre het huidige provinciaal beleid klimaatbestendig is en wat de (provinciale) klimaatadaptatie-opgave is.
Vervolgens hebben Provinciale Staten op 18 december 2009 het Actieprogramma Klimaatadaptatie vastgesteld. Dit Actieprogramma is een uitwerking van de afspraak tussen de rijksoverheid en de provincies. Deze afspraak is er onder meer op gericht, om ons land aan te passen aan de klimaatveranderingen. De provincie heeft een essentiële rol bij de regionale uitvoering van het akkoord. Het Limburgse Actieprogramma geeft concreet aan welke acties er nodig zijn t/m 2011 en wat de jaren daarna op de agenda zou kunnen komen. Ook is aangegeven welke acties er op langere termijn ná 2015 ondernomen moeten worden om Limburg klimaatbestendig te maken. Er wordt zoveel mogelijk aangesloten bij het provinciaal Meerjarenprogramma Plattelandsontwikkeling (pMJP). De Provincie werkt aan de volgende acties:
- voorlichting geven over klimaatadaptatie en de bewustwording stimuleren voor de urgentie van de problematiek. Hiervoor is een flyer ontwikkeld;
- kennisontwikkeling en aanvullend onderzoek op het gebied van waterveiligheid, watertekort, de beschikbaarheid van zoetwater in de Peelregio, waterkwaliteit, het ontwikkelen van robuuste verbinding en het toepassen van functioneel groen in steden. Deze laatste actie bevordert zowel de klimaatadaptatie als de verbetering van de luchtkwaliteit;
- ontwikkeling van de Klimaateffectatlas voor Limburg. In deze atlas staan kaarten met daarop de mogelijke gevolgen van klimaatverandering op lange termijn. Er zijn aparte kaarten voor Zuid-, Midden- en Noord-Limburg. Met symbolen zijn verschillende klimaateffecten aangegeven, zoals temperatuur, neerslag en neerslagtekort, die volgens de scenario’s van het KNMI kunnen plaatsvinden de komende jaren;
- ontwikkelen van een klimaatmodule voor het instrument DPL (Duurzaamheids Profiel op de Locatie). Dit planningsinstrument kunnen gemeenten gebruiken bij het verduurzamen en klimaatbestendig maken van bestaande en nieuwe wijken. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu is co-financierder van dit project;
- klimaatadaptatie betrekken bij de besteding van het Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing (ISV)-3 en de subsidieregeling Limburgse Energie Subsidie (LES);
- uitvoeren van nieuwe projecten en het voortzetten van
bestaande, zoals:
1. het vergroten van het watervasthoudend vermogen van steden door versterking van de groenblauwe dooradering;
2.het Grens- en Zandmaas project;
3.eventueel het aankopen en inrichten van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en grensoverschrijdende klimaatcorridors. Het voornemen van het Rijk om aanzienlijk te bezuinigingen op de EHS en specifiek op de Robuuste verbinding Schinveld-Mook, zal waarschijnlijk tot grootschaliger wijziging van de EHS leiden. Onderzocht wordt hoe de Provincie Limburg dit gaat aanpakken;
4.saneren van riooloverstorten in steden en het aanleggen van nieuwe waterbergingslocaties;
5. Beeldbepalende Ontwikkelingen: nieuwe gebiedsontwikkelingen dienen zoveel mogelijk rekening te houden met klimaatadaptatie-mogelijkheden, zoals het versterken van natuurontwikkeling, het vasthouden van water en tegengaan van hittestress.
In de Monitoringsrapportage Actieprogramma Klimaatadaptatie zijn de concrete resultaten beschreven die in 2010 zijn bereikt. Zo is klimaatadaptatie opgenomen als criterium bij provinciale subsidies, is er een klimaateffectatlas gemaakt, is er een klimaatmodule DPL ontwikkeld, zijn diverse scholings- en voorlichtingsacties opgestart en is er meer wetenschappelijk inzicht verkregen door enkele specifiek op Limburg gerichte kennisacties. Hiermee kan een volgende stap worden gezet, namelijk het op een andere, betere en klimaatbestendige manier omgaan met de ruimtelijke planning in Limburg.